Menu
Macro-economie
27.02.2017
Koen De Leus Chief Economist

Vertragen digitale revolutie met robottaks is niet de oplossing

Wanneer twee tegenpolen zoals Microsoft oprichter Bill Gates en de Benoît Hamon, de linkse kandidaat voor de Franse presidentsverkiezingen, beiden voor robottaks pleiten, is het opletten geblazen. Die taks moet de balans tussen machine en mens herstellen. Er zijn betere pistes te bewandelen.

Werkloosheid

De bezorgdheid van beide heren is terecht. In hun beruchte studie van 2013 besluiten Michael Osborne en Carl Frey van de Oxford universiteit dat 47% van de Amerikaanse jobs het ‘risico lopen om geautomatiseerd te worden’. Latere schattingen houden het bij een veel lager cijfer. De OESO bijvoorbeeld raamt dat ongeveer 9% van de taken geautomatiseerd kunnen worden met daarbovenop nog eens 25% andere gedeeltelijk. De optimisten wijzen er daarenboven op dat tijdens de vorige industriële revoluties de langetermijnwerkloosheidsgraad niet de hoogte is ingegaan. De jobs die verdwenen, werden gecompenseerd door de vraag naar nieuwe diensten en de creatie van nieuwe beroepen.

Wie weet komt op lange termijn alles inderdaad wel goed. Op korte termijn is een stevige disruptie op de arbeidsmarkt echter waarschijnlijk. Het grote verschil met de vorige industriële revoluties is de snelheid van verandering. Betere en langere scholing zorgden ervoor dat over de generaties heen de geleidelijke overgang van een landbouw- naar industriële naar dienstenmaatschappij werd gemaakt. De huidige digitale revolutie wijzigt de arbeidsvereisten radicaal binnen eenzelfde arbeidsgeneratie, zelfs binnen een periode van een tiental jaar. De vooruitgang vandaag is niet langer lineair, maar exponentieel.

De dreiging van het vervangen van mens door machine is dus reëel. Daarenboven zijn het in een dergelijke maatschappij zij die de robots bezitten die het gros van de productiviteitswinsten ervan innen. Daarmee dreigt de ongelijkheid, met neveneffecten zoals Brexit en de verkiezing van Trump, nog verder op te lopen. In de VS staat de ongelijkheid op hetzelfde niveau als in de jaren 30.

Globale bedrijfsbelasting

Een robottaks is niet de gewenste oplossing. Je zou dan evengoed een taks kunnen heffen op het gebruik van een tractor om de aardappelen te rooien. Onmiddellijk is er werkgelegenheid gecreëerd voor 20 extra arbeiders. En postuum krijgt Malthus die een tekort aan voedsel voorspelde als gevolg van de sterke bevolkingsgroei, dan toch nog gelijk.

Een hogere bedrijfsbelasting op bedrijven die uitzonderlijk profiteren van de digitalisering kan worden overwogen, maar is misschien zelfs niet nodig. Een correcte betaling van de huidige bedrijfsbelasting zou al een gigantische stap voorwaarts zijn. Een globale bedrijfsbelasting zou de weg naar belastingparadijzen afsnijden. Een idee van fintech-goeroe Jurgen Ingels om Belgische doorgroeibedrijven te financieren met een klein percentage van de belastingopbrengsten, kan hieraan worden gekoppeld. De overheid verdeelt de verworven aandelen vervolgens onder de werkende bevolking waardoor ook zij van de productiviteitswinsten genieten.

Transformatiemap

De belangrijkste verdedigingslinie is, net als in het verleden, evenwel opleiding en herscholing. Levenslang leren wordt belangrijker dan ooit. Overheid, bedrijven en de vakbonden moeten de handen in elkaar slaan om de werknemers daarvan bewust te maken en opleidingen ter beschikking te stellen. Samen maken ze een transformatiemap op die aangeeft welke jobs er vandaag zijn, welke in gevaar zijn en waar de toekomst ligt. Je maakt van een vrachtwagenchauffeur of kassierster geen IT-specialist. Maar herscholing en permanente bijkomende opleidingen zorgen er wel voor dat ook zij net dat stapje hoger zetten wanneer de zelfrijdende vrachtwagen en de Amazon-winkel met automatische betaling een feit worden.

Waarom zouden bedrijven investeren in opleidingen? We moeten erkennen dat bedrijven die mensen ontslagen een enorme negatieve externaliteit, een externe kost, op de maatschappij afwikkelen. Net zoals geldt voor de uitstoot van CO2 kan beslist worden daarop een belasting te heffen. Bedrijven die kunnen aantonen dat ze hun werknemers constant herscholen, krijgen een belastingvermindering. Zij die de maatschappij belasten met massale ontslagen van te weinig herschoolde mensen, dragen extra bij. Hun motto moet zijn: ‘Eeuwige tewerkstelling kunnen we niet garanderen, eeuwige inzetbaarheid wel.’

Knelpuntberoepen

Naast een ‘must’ voor de werknemer is constante opleiding ook cruciaal voor de bedrijven. In overleg met universiteiten moeten gespecialiseerde cursussen ontwikkeld worden om de vereiste vaardigheden voor nieuwe jobs te ontwikkelen. Knelpuntberoepen kunnen zo sneller ingevuld worden wat de groei een duw in de rug geeft. Hoe groter de gecreëerde welvaart, hoe gemakkelijker de disruptie – als die er komt – kan opgevangen worden.

We staan aan de vooravond van de vierde industriële revolutie. De revolutie vertragen met een robottaks, lijkt me weinig zinvol. Een heel pakket maatregelen nemen om van de revolutie een evolutie te maken waaraan zoveel mogelijk mensen kunnen participeren, is wel mogelijk. Hoe sneller daarover nagedacht wordt en maatregelen geïmplementeerd worden, hoe minder disruptief de komende decennia zullen zijn.

De opinies in deze blog zijn die van de auteurs en geven niet noodzakelijk het standpunt van BNP Paribas Fortis weer.
Koen De Leus Chief Economist
Koen De Leus (Bonheiden, 1969) behaalde zijn masterdiploma Handelswetenschappen aan de Economische Hogeschool Sint-Aloysius (EHSAL).Sinds september 2016 is hij Chief Economist bij BNP Paribas Fortis. Hij is ook gastdocent in ‘Behavioural Finance’ aan de EHSAL Management School. Koen publiceerde in 2017 zijn boek ‘De Winnaarseconomie: uitdagingen en kansen van de digitale revolutie’. In 2012 publiceerde Koen ‘De Gouden Beursleuzen’. In 2006 schreef hij ‘Naar Grijsland’ samen met Paul Huybrechts, over de sociale en economische uitdaging van de vergrijzing. Lees meer

Over het onderwerp

Geen resultaat