Business
12.06.2017
Koen De Leus Chief Economist

De Winnaarseconomie: Uitdagingen en kansen van de digitale revolutie

‘Productiviteit is niet alles, maar op lange termijn is het bijna alles’, schreef Nobelprijswinnaar Paul Krugman in 1992. De technologische vooruitgang die aan de basis ligt van de productiviteitsgroei zorgde de voorbije 250 jaar voor een explosie van onze welvaart. Zonder de opeenvolgende industriële revoluties die startten vanaf de 18de eeuw leefden we vandaag nog in de middeleeuwen.

Met de digitalisering is de vierde industriële revolutie van start gegaan. Alles verandert rondom ons: de manier waarop we communiceren, winkelen, muziek beluisteren, bankieren. Zelfrijdende, zelfs vliegende, wagens zijn niet langer een verre droom, robots helpen vandaag reeds in rusthuizen, Amazon leverde een jaar geleden zijn eerste pakje met een drone.

GEEN PRODUCTIVITEITSGROEI

De beloofde productiviteitsgroei blijft echter uit. Waarom? De grootste meerwaarde van de digitale technologieën vloeit naar de consument, die betere producten en diensten krijgt. Ons welzijn is aanzienlijk toegenomen. De producenten blijven op hun honger zitten.  De talrijke gratis producten zorgen niet voor een stijging van het bbp en dus de productiviteit. Bedrijven brengen vandaag ook producten op de markt die gigantisch vernieuwend zijn. Maar op vernieuwing van het productieproces en organisatie is het – in tegenstelling tot vorige industriële revoluties – nog wachten.

De geraamde opbrengsten van de nieuwe ecosystemen – online, de deeleconomie en het internet of things – zijn gigantisch. Besparingen, nieuwe producten en diensten en efficiëntieverbeteringen kunnen het bbp de komende 2 decennia met jaarlijks 0,6 à 1 procentpunt opkrikken, raamt industriegigant General Electric. Maar de nieuwe technologieën zoals big data, artificiële intelligentie en 3D-printing zijn complex. We zitten vandaag in de investeringsfase. De implementatiefase ligt enkele jaren voor ons. Ondertussen komt de concurrentie van overal. In een digitale wereld vervagen alle fysieke grenzen. Ondernemerschap was door de goedkope technologie ook nog nooit zo gemakkelijk. Een computer en een internetverbinding, en de wereld ligt aan je voeten.

INVESTEREN 4.0

Die snel veranderende omgeving wijzigt de regels voor beleggers. De levenscyclus van een onderneming is de voorbije decennia teruggevallen van 40 à 50 jaar naar minder dan 20 jaar. Bedrijven kenden vroeger hun concurrenten. Vandaag komen die van overal, en totaal onverwacht. De reis- en muziekindustrie werden reeds overhoop gehaald. De retail- en autosector liggen vandaag onder vuur, morgen volgen de banken en tal van andere sectoren. Geen enkele ontsnapt eraan. Langzaam een activiteit opbouwen om vervolgens het marktaandeel zo goed als mogelijk te verdedigen, behoort tot het verleden. Stockpicking wordt aartsmoeilijk, diversificatie belangrijker dan ooit. En … ‘buy and hold’ is out.

De democratisering van het ondernemerschap wil niet zeggen dat de ongelijkheid zal afnemen. Er zijn vele gegadigden, maar weinigen stoten door tot de top. In de digitale economie geldt het netwerkeffect: hoe meer mensen Facebook gebruiken of bestellen via Amazon.com, hoe aantrekkelijker die worden voor elke nieuwe gebruiker. De marktleider haalt een gigantisch marktaandeel binnen. De rest verdeelt de kruimels .De digitale wereld is een winnaarseconomie waar de supersterren en superbedrijven het gros van de inkomens binnenrijven.

TOENEMENDE ONGELIJKHEID

Dit riskeert een toename van de ongelijkheid. Wereldwijd zorgden globalisatie en automatisatie de voorbije 3 decennia voor eerlijkere verdeling van de welvaart. Honderden miljoen Chinezen werden uit de armoede gehaald. Dit ging gepaard met een uitholling van de Westerse middenklasse. Zij verloren hun goedbetaalde fabrieksbaan en moesten aan de slag in een minder lucratieve dienstenjobs. De frustratie neemt toe. Trump, Brexit en de opkomst van extreme partijen zijn daar enkele uitingen van.

Zelflerende robots bedreigen in de toekomst steeds meer jobs. Een conservatieve schatting van de OESO gaat uit van een volledige automatisering van 9 procent en een gedeeltelijke van nog eens een kwart van alle jobs tijdens de komende tiental jaar. In de overgangsfase naar een echte digitale economie leidt dit waarschijnlijk tot een stijging van de werkloosheidsgraad. Bedrijven en overheid moeten er alles aan doen om die stijging zo beperkt als mogelijk te houden.

Levenslang leren moet de norm worden. Bedrijven garanderen hun medewerkers niet langer levenslang werk, wel levenslange inzetbaarheid. Vakbonden moeten werknemers waarvan de job dreigt te verdwijnen, aanzetten tot het volgen van opleidingen. De overheid moet de slachtoffers van de automatiseringsgolf actief, veel actiever dan vandaag, begeleiden in hun zoektocht naar een nieuwe uitdaging. De politici moeten hier hun verantwoordelijkheid opnemen. Doen zij het niet, dan zullen de populisten het wel doen.

De opinies in deze blog zijn die van de auteurs en geven niet noodzakelijk het standpunt van BNP Paribas Fortis weer.
auteurs
Koen De Leus Chief Economist
Koen De Leus (Bonheiden, 1969) behaalde zijn masterdiploma Handelswetenschappen aan de Economische Hogeschool Sint-Aloysius (EHSAL).Sinds september 2016 is hij Chief Economist bij BNP Paribas Fortis. Hij is ook gastdocent in ‘Behavioural Finance’ aan de EHSAL Management School. Koen publiceerde in 2017 zijn boek ‘De Winnaarseconomie: uitdagingen en kansen van de digitale revolutie’. In 2012 publiceerde Koen ‘De Gouden Beursleuzen’. In 2006 schreef hij ‘Naar Grijsland’ samen met Paul Huybrechts, over de sociale en economische uitdaging van de vergrijzing.